
AI-applicaties worden tegenwoordig ingezet voor een brede waaier aan processen en activiteiten, telkens met het doel om efficiënter te werken, kosten te besparen en de werkdruk te verlichten.
Stuk voor stuk goede redenen, maar een al even belangrijk aspect is de invloed van deze technologie op de werkervaring van haar gebruikers: de mensen. Kunstmatige intelligentie beïnvloedt immers niet alleen onze productiviteit, maar ook ons welzijn op de werkvloer.
Keerzijde van de medaille
Hoewel de digitalisering en artificiële intelligentie het mogelijk maken om grote, complexe taken in stukjes te hakken en te automatiseren, zijn daar ook uitdagingen aan verbonden.
Zo leidt dit bijvoorbeeld soms tot fragmentatie en dus een gebrek aan overzicht, wat ook ontevredenheid of verwarring op de werkvloer kan veroorzaken. Werknemers die het gevoel hebben dat ze niet meer zijn dan een radertje in een onmetelijk groot geheel, halen vaak minder voldoening uit hun werk.
Een groot voordeel vat AI is dat het bedrijven meer controle geeft over processen en activiteiten, maar is dat ook goed nieuws voor de werknemer, als die het gevoel heeft de hele dag door gezien, gecontroleerd en beoordeeld te worden?
Surveillance capitalism
Het effect van de digitalisering en AI op het welzijn van werknemers is al uitvoerig onderzocht door wetenschappers. Zo had Zuboff, een Amerikaanse sociaal psychologe, het in 2019 over ‘surveillance capitalism’, waarbij de techbedrijven van Silicon Valley alle data over ons dagelijks handelen en zelfs denken zouden achterhalen en misbruiken. Dat dit een negatief effect zou hebben op ons algemeen welzijn, spreekt voor zich.
Gelukkig gebruiken de meeste bedrijven AI tegenwoordig alleen maar voor eentonige, repetitieve jobs, waaronder het vergaren en verwerken van informatie. In die zin draagt de technologie wel degelijk bij aan het welzijn van de werknemer, gewoon omdat het dergelijke taken vergemakkelijkt en tijd vrijmaakt voor het creatieve werk.

