
De Nederlandse Raad voor Journalistiek heeft nieuwe richtlijnen opgesteld voor het gebruik van AI in de journalistiek. De focus ligt op de verantwoordelijkheid van redacteurs en meer transparantie over het gebruik van kunstmatige intelligentie.
Journalistiek in een nieuw jasje
De Raad voor de Journalistiek wil met de nieuwe richtlijnen meer aandacht besteden aan de implicaties van het gebruik van deze technologie. Hoewel de basis ervan twee jaar geleden al werd opgezet, krijgen de richtlijnen nu pas echt vorm. Geen dag te vroeg, want de maatschappelijke discussies over ChatGPT en andere AI-tools hebben de laatste tijd een hoogtepunt bereikt.
De nieuwe richtlijn
De nieuwe richtlijn omvat verschillende zaken:
- Journalisten moeten transparant zijn over opdrachten en hun aanpak en daarover duidelijk communiceren met het publiek.
- AI kan bijdragen aan de redactie, productie en verspreiding van nieuws in de vorm van artikels, reportages, illustraties en meer.
- Redactionele keuzes spelen hierbij een grote rol en moeten voldoen aan de principes van de Journalistieke Code. De redactie is verantwoordelijk voor deze keuzes.
De hoofdredactie moet de principes van de code waarborgen bij het opzetten van systemen die deels of volledig aangestuurd worden door AI. Daarbij is de hoofdredacteur verantwoordelijk voor het aanbod aan informatie, op welke manier die ook wordt geproduceerd en via welk kanaal de info ook wordt aangeboden.
Automatische nieuwsproductie
Een ander belangrijk aspect van de nieuwe richtlijnen is dat de redactie duidelijk moet communiceren over geautomatiseerde nieuwsitems. Op die manier weet de gebruiker of lezer welke artikels gemaakt of geselecteerd zijn door AI.
Hoewel de richtlijnen in essentie ondubbelzinnig zijn, is de symbiose met de klassieke journalistieke code er een die wellicht nog veel struikelblokken met zich mee zal brengen in de praktijk.

